Dag 1 : Split – Lučice (Brač)
Onze bemanning heeft een latere vlucht vanuit Zagreb, en komt pas rond 19:00 uur in de
haven aan. De boodschappen zijn dan al gedaan, het papierwerk is afgehandeld, watertanks
en accu’s zitten vol en we zijn klaar voor vertrek. We besluiten dan ook ondanks het late
tijdstip nog uit te varen – in Split liggen is geen vakantiegevoel. Buiten de haven van
Split hijsen we de zeilen, nog wat onwennig op het nieuwe schip. Er waait een laatste
staartje Jugo van rond de 10 knopen, dat rond 20:30 uur gaat liggen.
Rond die tijd wordt het ook donker. Op de motor varen we verder in zuidelijke richting, en
na Splitska Vrata (het kanaal tussen Brač en Šolta) buigen we af naar het oosten. Rond
22:00 varen we voorzichtig de Lučice baai binnen, waar de nodige jachten aan een boei
liggen. Voorzichtig manoeuvrerend vinden we nog een vrije plek, en we drinken nog een
glaasje op het begin van de reis.
Dag 2 : Lučice (Brač) – Rogoznica (Frapa Marina)
‘s Ochtends word ik bij zonsopgang wakker, omdat een zonnestraal door het raampje naar
binnen gluurt. Zo zachtjes mogelijk (om de rest niet wakker te maken) klim ik aan dek.
Alles is kletsnat van de dauw. Ik nestel me op het voordek. De vogels fluiten, de
pijnbomen geuren, het water is als een spiegel. Mooiere momenten dan dat zijn er niet
vaak.
De zeewatertemperatuur is 18,5 graden Celsius. Dat nodigt niet echt uit om te zwemmen. Na
een rustig ontbijt verlaten we rond 09:30 uur de baai. De Jugo is weer opgestoken, en met
een gangetje van 5 knopen varen we in NW richting. We hopen vandaag
Rogoznica te halen,
een tussenstop op weg naar de Kornati eilanden.
Rond 11:00 uur valt de wind compleet weg. Meestal betekent dit dat we spoedig wind uit een
andere hoek kunnen verwachten. Maar na een half uurtje begint de wind opnieuw uit
zuidelijke richting te waaien, en zwelt (zoals het de Jugo betaamt) langzaam aan van 7
naar 15 knopen.
Om ongeveer 14:30 uur hebben we onze eerste ontmoeting met dolfijnen. Op enkele mijlen van
Rat Ploča komt een groepje van 5 dolfijnen ons gezelschap houden. Camera’s in de aanslag
en klikken / filmen maar, en hopen dat je net afdrukt op het moment dat ze boven water
verschijnen.
Rond 16:30 uur varen we de baai van Rogoznica binnen. We meren af aan de kade. Tijd voor
een douche en electriciteit, samen met drinkwater de enige echte reden om überhaupt een
haven op te zoeken. ’s Avonds vinden we een restaurantje waar de pizza in een echte
houtoven gebakken wordt – Restaurant Fortuna. We krijgen wederom het bewijs dat echt
lekkere pizza alleen op die manier klaargemaakt kan worden.
Dag 3 : Rogoznica (Frapa Marina) - Levrnaka
‘s Ochtends voorspelt het Marine Weather Center in Split ZO-wind (Jugo) van 20 – 25
knopen. Windkracht 6, dat begint erop te lijken! We doen nog snel wat boodschappen, zodat
we enkele dagen vooruit kunnen. Rond 09:30 verlaten we de haven, en om 09:45 zijn we
buiten de beschutte baai van Rogoznica. Hier staat al 15 knopen wind – de voorspelling zou
er dus wel eens naast kunnen zitten. Jugo bouwt immers op gedurende de dag. Onze koers is
280 graden. Minder dan twee uur later bevinden we ons ten zuiden van het eiland Žirje. Er
staat een stevige deining. Altijd weer een prachtig gezicht om de golftoppen op ooghoogte
naast je te zien. Enkele bemanningsleden vinden dat minder prettig, en krijgen een beetje
last van zeeziekte. Kijken naar de horizon helpt gelukkig – het geeft je evenwichtsorgaan
een vast referentiepunt.
Rond 12:30 is de wind toegenomen tot rond de 20 knopen. Je merkt dat de boot een forse
genua heeft – de boeg trekt voortdurend naar de lijzijde. We reven eerst de Genua en
vervolgens ook het grootzeil. Dat geeft wat rust. In de uren daarna neemt de wind gestaag
toe tot 30 knopen, windkracht 7. Ietsje meer dan gepland.
Om 14:00 uur ‘stuiven’ we het Kornatski Kanal binnen, gedragen door lange trage golven met
regelmatig schuimkoppen. Dat kanaal bevindt zich aan de ZW-kant van het eiland
Kornati,
tussen het eiland zelf en de lange rij eilandjes aan haar zeezijde. De vele kleine
eilandjes bieden enige beschutting tegen de stevige wind, en ook de deining neemt
enigszins af. Maar het blijven stevige omstandigheden, met een gemiddelde snelheid van
ruim 8 knopen en een piek van 9,2 knopen (surfend op een golf).
We proberen eerst een plek te vinden in een baai op Lavsa. Deze ligt echter al helemaal
vol met jachten die vroeg een goed heenkomen hebben gezocht voor de stevige
omstandigheden. Marina Piškera op het gelijknamige eiland is bij een ZO-wind geen prettige
plek, dus die mijden we. Eind van de middag ankeren we in
Levrnaka, een goed beschutte
baai. In eerste instantie ankeren we aan de W zijde van de baai, maar omdat we op basis
van de beschrijving in de pilot guide niet zeker zijn van de positie van het scheepswrak
in deze baai, verhuizen we al snel naar de O zijde van de baai. Daar is het goed toeven.
We hebben vandaag volgens de log ruim 43 mijl afgelegd.
Dag 4 : Levrnaka – Telašćica (Uvala Mir)
Het blijft de hele nacht stevig waaien. ’s Ochtends om 03:00 uur check ik of we nog goed
vastliggen, en dat is gelukkig het geval. Ik blijf even aan dek om de prachtige Melkweg te
bewonderen. Heerlijk, zo ver van de dichtstbijzijnde nederzetting. Het enige licht is een
maansikkeltje en de ankerlichten van de schepen in de baai.
De barometer daalt gedurende de nacht van 995 naar 983. Hoewel redelijk beschut, is
Levrnaka geen echt goede plek. ’s Ochtends waait de ZO-wind al vroeg met 15 – 20 knopen.
Dat belooft wat voor de rest van de dag. Het Marine Weather Center bevestigt dat:
stormwaarschuwing met wind tot 50 knopen. Dat is windkracht 10, en daar hebben we niet
echt zin in. Na een snelle krijgsraad besluiten we ons heil iets verder noordelijk te
zoeken, in Telašćica. Om 09:00 uur verlaten we Levrnaka. Met 20 knopen wind in de rug zijn
we in een uurtje in het nationale park. Beschutting vinden we in Uvala Mir, de baai van de
vrede. Die doet z’n naam eer aan.
Omdat de weersvoorspelling aangeeft dat de wind later op de dag naar NO zal draaien,
pakken we een boei op aan de N-kant van de baai. Eerst liggen we alleen, maar als de wind
begint te draaien haasten andere jachten om zich bij ons te voegen. In de middag meldt het
Marine Weather Center dat de storm boven de centraal-Adriatische kust (ter hoogte van
Vis, Brač en Hvar) naar het NO is afgedraaid. We ontspringen mooi de dans.
We maken er een rustige dag van. Een deel van de bemanning gaat aan land om het
nationale
park te bewonderen. Verder wordt er gezwommen en gesnorkeld. ’s Avonds hebben we
telefonisch contact met een bevriende schipper. Hij zit op Vis, en zij hebben vandaag de
volle laag gekregen. Ook uit Hvar horen we berichten: Tijdens de storm zijn diverse boten
op drift geraakt. De afmeer-ringen werden gewoon uit de kademuur getrokken, en diverse
schepen lopen behoorlijke schade op. Wij komen er vanaf met een stevig onweer aan het eind
van de middag. Dat is snel genoeg weg om ons een prachtige zonsondergang te bezorgen.
Dag 5 : Telašćica (Uvala Mir) – Tribunj
Als we ’s ochtends wakker worden is het rustig. De barometer staat nog steeds laag (981)
maar er is een zonnetje en nauwelijks wind. Omdat de langere termijn weersverwachting voor
het noordelijk kustgebied niet zo gunstig is, besluiten we ons weer in Z richting te
begeven.
Rond 10:00 bevinden we ons in het smalle kanaal tussen Kornati en Katina. Voorzichtig
manoeuvreren met een gangetje van maximaal 2 knopen, want het is op sommige plaatsen
minder dan 3 meter diep en wij hebben een diepgang van 1,80 meter. Volgens de Pilot Guide
moeten we de kant van Kornati houden. Dat klopt aardig, behalve in de laatste bocht… Ik
zie de dieptemeter snel teruglopen van 5 naar 2 meter. In een snelle reactie druk ik de
gashendel vol achteruit. Tegelijkertijd gooi ik het roer om naar bakboord, richting open
water.
Eventjes horen we een schurend geluid en wordt de boot iets opgetild. Mijn hart slaat een
slag over. Komen we vast te zitten? Welke schade lopen we op? Het duurt gelukkig maar een
fractie van een seconde, dan zijn we over de ‘drempel’ en glijden dieper water in. Een
snelle inspectie onder de vloerpanelen in de kajuit laat zien dat we geen water maken. Ik
haal opgelucht datum. Bij eerste gelegenheid inspecteren we de onderkant van de kiel. Een
aardige kras, maar duidelijk niet de eerste en waarschijnlijk ook niet de laatste.
Thomas Siffer heeft ooit geschreven dat iedere zeiler die zegt dat ‘ie nog nooit aan de
grond is gelopen, een leugenaar is. En anders zal het nog gebeuren… Eindelijk hoor ik er
ook bij.
De schrik is snel vergeten als we ten NO van Žut gezelschap krijgen van 3 dolfijnen. Ze
blijven geruime tijd in de buurt. Dat is al de tweede ontmoeting! En de dolfijnen brengen
ook iets anders mee: de wind. Op een briesje van 6 – 8 knopen uit richtingen variërend
tussen ZW en NW varen we in NO richting naar Murter. In de Murtersko More staat echter een
stevige deining. Daardoor wordt het alsnog een zware en oncomfortabele middag. Tegen het
einde van de middag komt Tribunj in zicht en rond 18:00 uur leggen we het schip op een van
de laatste vrije plekjes in de jachthaven van Tribunj. ’s Avonds kijken we even rond in
het stadje, maar neem maar van me aan dat je daar snel uitgekeken bent.
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Irish pub with awkward name in Tribunj Marina...
|
|
|
|
|
Dag 6 : Tribunj – Rogoznica
Een nieuwe dag, dus verder naar het zuiden. Na de vermoeiende dag gisteren doen we het ’s
ochtends kalm aan. Rond 10:00 uur verlaten we de haven. Er is NO-wind voorspeld. Dat is
gunstig omdat we naar het ZO willen. Echter, de wind verandert al snel in ZO, en staat dus
pal op onze kop. Dat blijft de hele dag zo. Voortdurend laveren dus, en dat schiet niet
echt op. Waar ik ’s ochtends nog stilletjes hoopte dat we wel bij Šolta zouden komen, zijn
we halverwege de middag nog niet eens in de buurt van Primošten. Regelmatig krijgen we een
regenbui en onweer over ons heen. Uiteindelijk arriveren we rond 17:00 uur bij
Rogoznica.
We hebben eigenlijk geen zin in nog een nacht in de jachthaven daar. Volgens de Pilot
Guide zijn echter ook delen van de baai zelf uitstekende ankerplaatsen. Na inspectie zijn
we het daar niet mee eens. De kust van de baai is / wordt namelijk in hoog tempo
volgeplempt met vakantiehuizen. Van het authentieke blijft zo weinig meer over. Dat is een
fenomeen wat ik helaas op veel plaatsen in Kroatië zie. Uiteindelijk besluiten we toch
maar naar de jachthaven te gaan. Om onszelf te troosten gaan we ’s avonds maar weer pizza
eten bij Restaurant Fortuna. Dat maakt veel goed.
Dag 7 : Rogoznica – Vinogradisce (Sveti Klement)
’s Ochtends komt de wind alweer uit ZO richting. Maar gelukkig verandert dat snel. Rond
10:45 uur, als we ten Z van Rat Movar varen, draait de wind in een tijdsbestek van enkele
minuten naar het NW, en neemt dan toe naar 10 – 13 knopen. Op die manier is het lekker
zeilen. We laten Šolta dan ook links liggen, en varen verder in de richting van Hvar. Rond
het middaguur duikt er weer een groep dolfijnen op. Dat blijft toch een prachtig gezicht.
Op een windstilte in de loop van de middag na blijft de wind waar ‘ie zat: NW. Tegen het
eind van de middag komt Sveti Klement in beeld: de
Vinogradisce baai. Hier gooien we rond
18:00 uur het anker uit.
’s Nachts draait de wind naar het NO: de Bura. Zelfs in deze beschutte baai krijgen we
vlagen van meer dan 15 knopen voor onze kiezen. Ik sta dan ook diverse malen op om het
anker te controleren. Rond 05:00 uur begint het te regenen, en het houdt niet meer op.
Dag 8 : Vinogradisce (Sveti Klement) – Hvar
Omdat het maar blijft regenen staan we pas om 09:00 op. Het weer ziet er beroerd uit. Maar
het is zaterdag, de vaste wisseldag van de meeste charters. Dat betekent dat het in
Hvar,
waar iedereen naartoe gaat, relatief rustig zal zijn.
Om 10:30 uur halen we het anker op. Langzaam varen we door het ondiepe kanaal tussen
Marinkovac en Planikovac, twee kleine eilandjes ten O van Sveti Klement. Om 11:00 varen we
de haven van Hvar binnen. Hier varen we enkele rondjes, maar er duikt geen havenmeester
op. Omdat we geen zin hebben om te ankeren, laten we een van de bemanningsleden afstappen
op de kade van de veerhaven. Hij loopt vervolgens naar het gedeelte voor de jachten, zo’n
100 meter noordelijk, en vist een lijn voor ons uit het water. Met z’n drieën op de boot
en de vierde op de kade meren we de boot volgens het boekje af. We zien overigens nog
behoorlijke schade van de eerdergenoemde storm aan de kade.
Als het even later weer droog is duikt de havenmeester op. ‘Het regende…’ zegt hij
verontschuldigend. Ik heb er weinig boodschap aan, maar dit soort gedrag is in Hvar
normaal. Gelukkig breekt even later de zon weer door, en kunnen we genieten van een dagje
in het ‘Saint Tropez van Kroatië’. We laten de was doen (er zit een wasserette bij de
markt naast de kerk), en doen ook de nodige boodschappen. Er wordt stevig geďnvesteerd
hier: twee hotels aan de haven zijn wegens grondige renovatie gesloten. Maar sommige
dingen blijven hetzelfde:
-
Gemiddeld zijn de prijzen 50% hoger dan in Zagreb of Split. Voor het ‘voorrecht’ om hier
een nachtje aan de kade af te meren betaal je evenveel als in de duurdere jachthavens.
-
’s Nachts blijkt dat de uitgaansgelegenheid aan het eind van de boulevard (‘Carpe Diem’)
de populairste en langst open zijnde disco te zijn. Wij kunnen meegenieten. Voor je
nachtrust hoef je hier niet te komen.
-
En tja, die mentaliteit. Ik had het al over de havenmeester. Maar ook winkels die op hun
bordje hebben staan dat ze ‘iedere dag vanaf 09:00 uur’ open zijn, zijn vaak om 10:00 uur
nog hermetisch gesloten
’s Nachts draait de wind weer, en ontstaat er een vervelende deining in de haven. We laten
de meerlijnen aan de achtersteven maximaal vieren, zodat we op 1˝ ŕ 2 meter afstand van de
kade liggen. De meerlijn aan de boeg trekken we stevig aan. Het is oncomfortabel rollen.
Gelukkig is er door de weggeslagen meerringen voldoende afstand tussen de jachten. Meestal
lig je hier zo dicht op elkaar dat er een groot risico is dat je met de verstaging vast
komt te zitten aan een ander schip.
In zuidwestelijke richting (Vis) zien we een gigantisch onweer woeden. Als dat deze kant
op komt wordt het hier echt oncomfortabel. We zorgen er dan ook voor dat we helemaal klaar
zijn voor vertrek. Om 01:00 uur ’s nachts vullen we zelfs nog de watertanks bij. De rest
van de nacht waakt afwisselend een van ons in de cockpit. Ik ben blij te zien dat een
aantal andere jachten dezelfde voorzorgsmaatregelen neemt. Een stevige storm zing ik
liever buiten de haven uit dan hier tussen alle andere schepen. Gelukkig gaat het noodweer
ten westen van Hvar voorbij, en blijft het hier beperkt tot het oncomfortabele rollen. De
combinatie van uitgaanspubliek en weersomstandigheden is wel funest voor onze nachtrust.
Dag 9 : Hvar – Korčula
’s Ochtends lezen we in de krant dat er bij Žirje gisteren een jacht vergaan is in zwaar
weer. De opvarenden zijn op Žirje aangespoeld. Daar zijn wij op dag 3 onder gelukkig
rustiger omstandigheden ook geweest. Zo’n nacht als deze, gecombineerd met zo’n bericht,
herinnert er wel aan dat de zee iets blijft om rekening mee te houden.
Rond 10:00 uur verlaten we de haven van Hvar. Samen met de meeste andere jachten, want de
deining in de haven blijft erg oncomfortabel. De Bura (NO-wind) waait al met 10 knopen, en
neemt de daarop volgende uren gestaag toe tot 20 knopen (windkracht 5) rond de middag,
hetgeen gepaard gaat met een behoorlijke deining en schuimkoppen op de golven. We reven de
genua en het grootzeil enigszins als we Šćedro passeren. Al voor 14:00 uur passeren we de
vuurtoren Pločica, welke tussen Hvar en Korčula ligt. Daarna neemt de wind iets af tot 14
ŕ 15 knopen uit NO, en kunnen de reven weer uit de zeilen. In de verte zien we Pelješac
opdoemen, en door de regen van de afgelopen dagen is het zicht haarscherp.
Als we iets na 15:00 uur het Pelješki Kanal binnenvaren, de zeestraat tussen Pelješac en
Korčula, draait de wind zowaar naar ZO (Jugo). Pal op de kop, dus daar valt niet zo heel
veel op te bezeilen. We laveren nog even, maar als de wind afneemt tot 4 knopen is de lol
daar snel vanaf. Op de motor gaat het verder richting Korčula.
Na twee doorwaakte nachten in Vinogradisce en Hvar wil ik graag een nacht goed slapen. We
ankeren dus niet in één van de vele baaien rond Korčula, maar kiezen voor de jachthaven.
Hier komen we rond 17:00 uur aan. In de haven treffen we ook de
Tamara, het jacht dat we
vorig jaar gecharterd hebben. De bemanning bestaat dit jaar uit vier Australiërs die
enkele weken lang de Kroatische kust verkennen.
’s Avonds eten we een hapje in Adio Mare, een lokaal restaurantje. Het heeft nog wel wat
weg van een piratenhol.
Harrrrr!!!!! Het eten is in ieder geval prima.
Dag 10 : Korčula – Luka Polace (Mljet)
’s Ochtends staat een belangrijk punt op de agenda. Koekjes halen bij Cukarin, waar ze de
lekkerste koekjes maken van de hele Adriatische kust. We slaan een paar grote dozen in
‘voor onderweg’. Rond 11:00 varen we de haven uit. Er staat een ZO-wind, 8 – 10 knopen. We
zeilen rustig tussen de vele eilandjes aan de oostkant van Korčula, in zuidelijke
richting. Na het ronden van Rat Ražnjić (de kaap aan de ZO-punt van Korčula) varen we rond
13:00 uur Uvala Pržina binnen. Dat is een prachtige baai met zandstrand aan de zuidkant
van het eiland. Hier gaan we een aantal uren voor anker om te genieten van de zon en het
water. De baai is volledig open voor de wind, die inmiddels naar ZW is gedraaid. Gelukkig
is er geen stevige deining, we liggen rustig voor anker..
Rond 15:00 uur gaan het anker en de zeilen omhoog. We verlaten de baai in ZZO richting
(koers 120 graden) richting de noordelijke kant van Mljet. De wind waait nog steeds uit ZW
richting, nu 10 – 12 knopen. Ideale zeilomstandigheden.
Nog geen uur later hebben we wederom gezelschap van dolfijnen. Niet eerder hebben we op
een trip zoveel dolfijnen gezien als dit jaar. Er begint zelfs al iets van gewenning op te
treden. Rond 16:30 bereiken we het eiland Mljet. We varen nog enkele mijlen verder naar
het ZO, en kiezen een van de drie ingangen van Luka Polace. Dit is echt een prachtig
beschutte baai, ruim en met hoge heuvels eromheen die de wind opvangen. Tussen zo’n 15
andere jachten gooien we in 12 meter water ons anker uit voor de nacht.
Dag 11 : Luka Polace (Mljet)
Vandaag blijven we in deze prachtige baai. Een deel van de bemanning brengt de dag door in
het prachtige Nationale Park. De rest doet het rustig aan op de boot. In de loop van de
ochtend is er een stevige onweersbui, en ook ’s avonds gaat het goed tekeer. Na een
stevige bliksemflits valt alle elektriciteit uit en zit Polace in het donker. Gelukkig
zijn wij dan al terug aan boord van een bezoekje aan de ‘beste pizzeria van Polace’ (want
de enige). Niet bijzonder.
O ja, een wijze les die ik hier geleerd heb: Waarom moet je altijd eerst de
buitenboordmotor starten en dan pas de passagiers in de bijboot laten stappen? Om het
blauwe oog te voorkomen dat ik een van hen sloeg omdat we de lengte van het startkoord
onderschatten…
Dag 12 : Luka Polace (Mljet) – ACI Marina Palmižana
Tegen zonsopgang (05:30 uur) wordt ik wakker. Over twee dagen moeten we terug zijn in
Split. Het wordt dus tijd om de steven weer naar het noorden te richten. Helaas is zowel
de VHF- als FM-ontvangst in deze baai op z’n zachtst gezegd beroerd. Ik heb dus weinig
informatie over de weersverwachting. Op dit moment is het droog en zonnig, met een
rimpelloze baai. Maar dat zegt niet veel op de Adriatische Zee.
Rond 08:00 halen we het anker op. Voorzichtig varen we door de verraderlijke ingangen van
Luka Polace naar open water. Daar gaan we naar het NW richting
Korčula. Eerst
motorzeilend, maar al gauw neemt de wind toe tot een Bura (NO) van 8-10 knopen. Heerlijk
zeilen op een (op dit tijdstip) nog volledig lege zee. We ontbijten op ons gemakje terwijl
Korčula steeds dichterbij komt.
Rond 10:30 zeilen we het Pelješki Kanal binnen. Terwijl ik me zit te ergeren aan het
langgerekte lint van vakantiehuizen, dat vanaf Orebic naar het noorden gebouwd wordt
(Kroatië, pas alsjeblieft op wat je met je kuststrook doet!) luisteren we naar de
weersverwachting. Die is niet best. We zien al een tijdje een prachtige donkere donderwolk
boven het eiland Korčula hangen. Dat lijkt de voorbode te zijn van een stevige storm uit
ZW. Er wordt wederom wind tot 40 ŕ 45 knopen voorspeld, windkracht 8 ŕ 9.
De wind neemt gestaag toe tot 15 – 20 knopen (maar nog wel uit NO richting), en met een
vaartje van 7 knopen stuiven we op Hvar af. Overal om ons heen zien we de prachtigste
regen- en onweersbuien. Een groep jachten achter ons verdwijnt achter een regengordijn.
Links van ons schieten bliksemschichten door de lucht. Maar vooralsnog zeilen wij keurig
tussen de buien door. Wij hebben Šćedro als reservebestemming in gedachten, maar dan moet
die wind wel draaien. De beschutte ankerplaatsen van Šćedro liggen namelijk aan de N-kant
van het eiland.
Ter hoogte van Šćedro krijgt de storm ons te pakken. De wind draait in enkele minuten van
NO naar ZW (180 graden! Dat is een prachtig fenomeen om te zien gebeuren). Een striemende
regenbui daalt op ons neer. Wij hebben de bimini ingeklapt en zijn op alle andere manieren
op de storm voorbereid. De zeilpakken zijn uit de tas gehaald, en reddingsvesten en
life-lines liggen voor het grijpen. Maar vooralsnog valt het allemaal mee, de wind blijft
maar rond de 20 knopen hangen.
We besluiten dan ook door te zeilen richting Hvar. Gezien de ZW wind is
ACI Palmižana de
meest geschikte bestemming. Rond 16:00 uur wordt het droog, we hebben dan nog een mijl of
6 te gaan naar Hvar. Rond 17:00 uur leggen we aan op een van de laatste beschikbare
plekjes in ACI Palmižana. Met een extra lijn aan de boeg, want de wind draait inmiddels
weer naar NO. En Bura is de enige wind die hier wel lichte deining veroorzaakt. Maar ACI
Palmižana blijft mijn favoriete jachthaven langs de kust.
’s Avonds eten we bij
Restaurant Meneghello. Het is een prima restaurant, maar let op! Wij wisten om
18:30 uur nog net een niet-gereserveerd tafeltje te bemachtigen. Het was nog rustig, en er
was nog volop keuze uit verse vis, die we ook redelijk snel op tafel hadden staan. Als het
eenmaal druk is kan de keuken en bediening het niet meer aan, en mensen kregen bij hun
bestelling rustig te horen dat het wel eens twee (2) uur zou kunnen duren voordat ze hun
hoofdgerecht op tafel zouden hebben. Uiteraard vertelt men dat als de wijn en de drankjes
al op tafel staan… Maar onze gerechten waren uitstekend.
Dag 13 : ACI Marina Palmižana – Lučice (Brač)
Rond 10:30 uur verlaten we de jachthaven. Het is ‘spitsuur’, en in een zee vol zeilen
varen we richting Rat Pelegrin, de westelijke punt van Hvar. We willen proberen om
richting Bol te gaan, een dorp aan de zuidkant van het eiland Brač. Daar bevindt zich Dugi
Rat, een bekend strand en beroemde surfspot. We willen eigenlijk even op bezoek bij
vrienden die daar verblijven. De wind is NW, 10 – 12 knopen, en er staat ook een lange,
trage deining uit het NW. Rond 11:00 uur ronden we Rat Pelegrin, en varen we verder in NO
richting.
Een half uurtje later gaat het mis. De wind draait in hoog tempo van NW naar NO, en neemt
sterk toe. Al gauw boksen we op tegen 20 – 25 knopen wind, en een stevige deining. De
weersverwachting van 13:00 uur bevat een waarschuwing. Bura tot 40 knopen. Ook zijn
diverse veerdiensten rond Brač gestaakt wegens de hoge golven en harde wind.
Na ampele overweging geven ook wij de poging op om Bol te bereiken. We schieten geen meter
op, en onder deze omstandigheden bij Bol afmeren of bij Dugi Rat ankeren is gekkenwerk. We
zeilen in de richting van Lučice, onze vertrouwde baai aan de zuidkant van Brač. Zelfs in
deze goed beschutte, en ondanks het vroege tijdstip al erg drukke, baai meten we 16 – 20
knopen NO-wind. De Bura laat haar tanden weer eens zien.
De rest van de dag doen we het rustig aan. Beetje zwemmen, beetje zonnen, beetje lezen.
Het leven is zwaar soms….
Dag 14 : Lučice (Brač) - Split
De laatste dag, en we hebben geen zin om terug te gaan naar Split. Even overwegen we om
dan maar richting Caraďbische Zee te varen, maar dat zou toch op wat problemen stuiten,
vrees ik. Rond 10:30 uur verlaten we Lučice en varen in W richting naar Splitska Vrata. Er
waait nog steeds Bura, 10 – 15 knopen uit NO. De zee is kalm.
Na het passeren van Splitska Vrata varen we verder in O richting, naar Milna. Rond het
middaguur komen we aan bij het tankstation in dit dorp. Er gaat 65 liter diesel bij in de
tank, en dat valt erg mee voor twee weken rondvaren. We zijn er overigens net op tijd –
als wij weer naar zee steken, liggen er 5 jachten te wachten in de baai om bij te tanken.
Eenmaal weer op open water begint de wind geintjes uit te halen. Draaien van NO naar NW en
erg variabel, tussen de 1 en 10 knopen. Dat is dus even dobberen. We doen nog even
‘wedstrijdje’ met enkele andere jachten (altijd spannend met 4 knopen wind), maar dat
wordt wreed onderbroken als een andere charter zich niets van de regeltjes aantrekt en op
de motor dwars langs de zeilende jachten vaart. Gelukkig trekt de wind nog wat aan, zodat
we toch nog echt kunnen zeilen. Rond 15:30 varen we de haven van Split binnen. Tijd voor
een biertje.